Meditatie


Opvoeden tot geestelijke zonen en dochters

 

TimotheŘs, mijn oprechte zoon in het geloof (1Tim.2)

 

TimotheŘs was een trouwe medewerker van de apostel Paulus. Wie was deze jongen die Paulus zijn zoon noemt? In het boek Handelingen lezen we in 16:1 dat hij de zoon is van een Joodse moeder en een Griekse vader. Paulus heeft TimotheŘs waarschijnlijk ontmoet in Lystre. Hij was als half-Jood niet besneden, waarschijnlijk omdat hij een Griekse vader had, maar Paulus besnijdt hem of laat hem besnijden. Wellicht was er in die tijd discussie over wie wel of niet tot het Jodendom behoorde. Was een Joodse moeder of een Joodse vader doorslaggevend?

 

Met de besnijdenis wordt de afkomst van TimotheŘs boven alle twijfel verheven: hij is helemaal Joods. In het begin van het Nieuwe Testament was dit zeker een issue. Het volk IsraŰl was immers uitverkoren en voor hen gold de belofte van God. Niet-Joden vielen buiten het heil en het verbond. Misschien zijn wij het (te) gewoon gaan vinden dat wij bij het volk van God mogen horen?

 

TimotheŘs heeft Paulus vergezeld op tal van reizen. In 2 Korinthe 1:1, Filippenzen 1:1, 1 Thessalonicenzen 1:1 en Filemon lezen we dat TimotheŘs medeauteur is van zijn brieven. Hij wordt door Paulus naar Filippi gestuurd om te kijken hoe het daar gaat (Fil.2:19). In 1 TimotheŘs 1:3 lezen we dat Paulus zijn ‘zoon’ oproept om in Efeze te blijven om daar orde op zaken te stellen.

 

Wat weten we nog meer van TimotheŘs dan dat hij een Joodse moeder had en een Griekse vader? TimotheŘs had een ongeveinsd geloof, hij was een oprechte gelovige. Vanaf zijn jeugd is hij met de Schriften opgevoed. Zijn Joodse moeder heeft haar afkomst en haar roeping niet verloochend.

 

Wat mooi wanneer dat ook van onze kinderen kan worden gezegd: we hebben hen als ouders en als gemeenteleden opgevoed bij het Woord van God. Wij hebben Gods grote daden doorverteld zodat de kinderen van de gemeente hun hoop op Hem leren stellen en Gods daden niet vergeten (Psalm 78:7).

 

Uit 1 TimotheŘs 4:12 blijkt dat hij nog niet zo oud was toen hij van Paulus een belangrijke taak kreeg toebedeeld. Het lijkt erop dat TimotheŘs op een bijzondere manier tot het werk is aangesteld. In 1 TimotheŘs 1:18 gaat het over de profetieŰn die over hem zijn uitgesproken. In 4:14 wordt een gave genoemd die hem op grond van een profetie onder handoplegging door de oudsten is gegeven.

 

Je hoeft niet oud te zijn om in de gemeente van Christus een taak te ontvangen. Samen mogen we omzien naar onze jongeren. Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid! Zij zijn niet de kerk van de toekomst maar maken helemaal deel uit van de kerk van nu. Het gebed voor hen is onmisbaar. Jongeren staan in de branding van de cultuur. Het is waardevol en van groot belang wanneer er ouderen zijn in de gemeenten die als voorbeeldfiguren van betekenis zijn voor jongeren. Zoals Paulus de jonge TimotheŘs onder zijn hoede nam, zo mogen ouderen anno 2023 jongeren onder hun (gebeds)hoede nemen en hen het geloof voorleven en doorgeven. Daarnaast hoeven we niet bang te zijn om hen een taak te geven. Paulus nam TimotheŘs in dienst ook al was hij nog jong.

 

Laten we in dit nieuwe jaar naast kinderen, tieners en jongeren staan en hen Gods grote daden doorgeven. Door ons doen en laten, laten zien dat Hij het te zeggen heeft in ons leven. Misschien zijn de eigen kinderen de deur al uit of hebben we geen kinderen ontvangen. Paulus had ook geen biologische kinderen, maar wel geestelijke zonen (en dochters). Bijzonder als dit ook van ons gezegd kan worden!

 

Anneke van Maanen