Gelezen in.........

 

Scharlaken Jesaja 1: 18

 

Wat is scharlaken en hoe wordt het in de Bijbel gebruikt?

 

Scharlaken is een fijne stof van hoogrode kleur. De kleur op zichzelf wordt ook scharlaken genoemd. Men spreekt dan over een scharlakenrode kleur.

Als kleur wordt het woord scharlaken bijvoorbeeld gebruikt in de bekende tekst Jesaja 1: 18: ‘Al waren uw zonden als scharlaken, ze zullen worden als sneeuw’. Nu zou men kunnen denken dat scharlaken dus altijd een negatieve betekenis heeft, omdat het hier voor zonden wordt gebruikt. Maar dat is niet het geval. Het gaat er in deze tekst alleen om om een contrast duidelijk te maken. Een rode kleur is heel moeilijk te bleken. Zonden zo rood als scharlaken kun je, menselijk gesproken, niet wit maken. God kan dat echter wel. Hij maakt die rode zonden wit als de sneeuw. Er volgt nog een tweede tegenstelling, namelijk: ‘Al waren ze (de zonden) rood als karmozijn, ze zullen worden als witte wol’.

 

Als het gaat om scharlaken stof, dan gaat het niet om een slechte verwerpelijke stof, maar juist om een kostbare stof. In Leviticus 14: 6. 49, 51 en in Numeri 19: 6 wordt het samen genoemd met cederhout en hysop en in dat verband met een offerande. Het is dus niet een beeld van kwaad (zie ook Numeri 4: 8). Integendeel, scharlaken kleding was kostbare, waardevolle kleding zoals blijkt uit 2SamuŽl 1: 24. Ook uit Openbaring 17: 4 en 18: 12 en 16 blijkt dat scharlaken kleding kostbare kleding is, die gebruikt wordt door vorsten en vorstinnen. Dat hun gedrag soms in strijd is met hun bekleding is een andere zaak.

Ook uit Jozua 2:18 en 21 volgt dat scharlaken een heel positieve betekenis heeft. Rachab hangt namelijk een scharlaken koord uit het venster en dat beschermt haar. Er is alle reden om daar typologisch te denken aan het bloed van Christus waarachter wij als gelovigen schuilen en beveiligd zijn voor het oordeel.

 

De les om over na te denken in dit stukje is dat een bepaalde zaak gebruikt kan worden in een negatief verband, maar anderzijds iets goeds kan voorstellen. Ik geef daar nog een tweetal voorbeelden van:

• zuurdeeg is een beeld van het kwaad, maar de doortrekkende kracht van zuurdeeg wordt ons als iets goeds voorgesteld;

• de slang is ook een beeld van het kwaad, toch wordt ons aanbevolen om voorzichtig te zijn als de slangen (MattheŁs 10: 16). Dat aspect van het slang-zijn mogen we dus navolgen.

 

Overgenomen van de website Jaap Fijnvandraat.

 

Het bijzondere verhaal van karmozijnrood

 

In de Bijbel worden veel kleuren genoemd: rood, oranje, geel, blauw, die kleuren zijn allemaal veel te basic. Nee, wij hebben karmozijnrood, blauwpurper en zo wit als sneeuw (o.a. in Jesaja 1: 18). Zat jij nou ook altijd in de kerkbank met zo’n blik van: wat is nu karmozijnrood, dan hebben wij goed nieuws. BEAM zocht het voor je uit!

Karmozijnrood is, hoe kan het ook anders, een rode kleur. De kleur wordt vaak genoemd in de Bijbel. De tabernakel is bijvoorbeeld karmozijnrood, en de kleur zat verweven in de kledij die de priesters moesten dragen. Karmozijnrood is een natuurlijke kleurstof. De kleur komt van een worpje, met de prachtige wetenschappelijke naam: Coccus Ilicis. Het verhaal van karmozijnrood gaat vooral om het vrouwtje van dit wormpje. Het vrouwtje hecht zich vast aan een boom en legt eitjes. Na enkele dagen komen die eieren uit en die kleine larfjes, en nu wordt het een beetje vies, eten de eerste paar dagen van hun (nog levende) moeder. Als de moeder uiteindelijk sterft komt er een rode kleurstof vrij: karmozijnrood. Hierdoor kleurt een deel van de boom en de larfjes ook karmozijnrood. Drie dagen na de dood van de moeder verandert haar rode kleur in wit en valt ze op de grond.

 

In de Bijbel heeft dit wormpje een speciale symboliek. Het moederworpje hecht zich vast aan hout om te sterven. Ze hecht zich vast om nieuw leven voort te brengen, om haar nageslacht te beschermen. Na drie dagen transformeert ze. Komt dit verhaal je misschien bekend voor? Jezus stierf aan het kruis voor ons, net zoals de moederworm dit doet voor haar larfjes. De larven leven van het lichaam van hun moeder. In Johannes 6 zegt Jezus: ‘Ik ben het levende brood, dat uit de hemel nedergedaald is. Indien iemand van dit brood eet zal hij in eeuwigheid leven; en het brood, dat ik geven zal, is mijn vlees.’ Na drie dagen stond Jezus op uit de dood. Een soort transformatie, net als de moederworm die drie dagen naar haar dood wit wordt en neerdaalt op de grond. ‘En zijn klederen werden schitterend, helwit, zoals geen voller op aarde ze kan maken’, staat er in Marcus 9.  Zo is deze worm een prachtig symbool voor het lijdensverhaal van Jezus. 1000 jaar voor de geboorte van Jezus schreef koning David hier al over, in Psalm 22:

‘Maar ik ben een worm en geen man, een smaad voor de mensen en veracht door het volk.’

 

Overgenomen van de website EO-Beam.